Het is alweer meer dan twaalf jaar geleden dat de 47-jarige Rodion Camataru door SC Heerenveen werd uitgezwaaid. Op 18 juni speelde de geblokte Roemeense spits zijn laatste wedstrijd in de kleuren van de Friese ploeg.
Met pijn in het hart keerde ‘Cammie’ terug naar zijn geboorteland, naar Craiova om daar in zaken te gaan. Ver weg van de club waar hij naam maakte en immens populair was. Maar vergeten is hij Heerenveen zeker nog niet.
Sterker nog Heerenveen is weer ‘hot’ voor Camataru. Sinds een kleine twee weken geleden de Friese club bij de loting voor het UEFA Cuptoernooi werd gekoppeld aan Dinamo Boekarest, de club waarvoor hij drie seizoenen speelde, denkt hij met de regelmaat van de klok terug aan zijn tijd in Heerenveen. Aan het voetbal, trainer Foppe de Haan en de supporters die hem nog altijd op handen dragen.
Camataru beleefde in de nadagen van zijn carrière een fantastische tijd als voetballer in Fryslân. Hij groeide als voetballer op bij Universitatea Craiova en haalde zijn top bij Dinamo Boekarest. Daar schopte hij het in 1987 tot Europees topscorer met 44 treffers. Maar tot op de dag van vandaag wordt de rechtsgeldigheid daarvan door critici nog altijd sterk in twijfel getrokken.
Dinamo werd in de tijd van de Roemeense dictator Ceaucescu openlijk gesteund door de Securitate, de Roemeense staatspolitie. Camataru scoorde in 24 duels achttien keer, maar voegde daar in de laatste tien duels nog eens het onwaarschijnlijke aantal van 26 treffers aan toe om uiteindelijk met 44 doelpunten de gouden schoen te winnen. Zelf heeft Cammie daar nooit openlijk over willen praten.
Hij kwam 75 keer uit voor de nationale ploeg van Roemenië en scoorde daarin 22 keer. Daarmee bezet hij tot de dag van vandaag een plaats in de Roemeense top tien aller tijden. De aanvaller was een gewild object in het buitenland, maar kreeg geen toestemming zijn geboorteland te verlaten. ,,Tijdens buitenlandse trips is me vaak gevraagd om achter te blijven, maar dat durfde ik niet aan. Uit vrees voor represailles tegen mijn familie in Roemenië.’’
Uiteindelijk kreeg Camataru op zijn oude dag, na de val van Ceaucescu in ’89, de vrijheid om naar het buitenland te gaan. Hij vond onderdak bij Charleroi en begin ‘91 verkaste Cammie naar Heerenveen om daar zijn carrière op een mooie manier af te sluiten. 28 maanden duurde zijn verblijf in Fryslân waarin hij in 77 duels 27 keer scoorde. De mensen bij Heerenveen zorgden ervoor dat hij zich thuis voelde en dat ging hand in hand met zijn prestaties.
De Roemeen slaagde er niet in Heerenveen in de eredivisie te houden en het jaar daarop werd hij clubtopscorer met x doelpunten. In zijn laatste seizoen bij Heerenveen maakte Camataru, niet alleen op leeftijd maar inmiddels ook aardig op gewicht, goede sier als supersub. ,,Ik hoefde mijn voet maar uit de dug out te steken of het publiek begon al om me te roepen. Dan liepen de koude rillingen over mijn rug.’’
Het kon allemaal niet op voor Cammie die in het Friese Haagje immens populair werd. De Friese ploeg promoveerde via de nacompetitie en bereikte de bekerfinale waarin Ajax uiteindelijk met 6-2 te sterk was. Daarin scoorde hij zijn laatste officiële doelpunt voor de Friezen.
Op vrijdag 18 juni nam Heerenveen in een benefietduel afscheid van Camataru. Hij kreeg de speld van verdienste van de gemeente Heerenveen en met een cheque van 36.000 gulden en bus en voor een kindertehuis in Roemenië werd Cammie uitgezwaaid. Zelf ging hij in zaken. Hij heeft zijn winkel in Craiova met salami en chocolade als specialiteiten ‘Heerenveen’ genoemd. Daarnaast is Camataru eigenaar van een bar, een chinees restaurant en een bedrijf dat hout exporteert.
,,Ik ben geen miljonair. Dat had ik wel kunnen zijn als ik in 1983 als voetballer naar het buitenland zou zijn gegaan. Maar ik klaag niet. Ik heb het goed’’, zegt Cammie. Heerenveen heeft een warm plaatsje in zijn hart. Hij komt nooit meer los van de club en is blij zijn vrienden deze week weer te mogen ontmoeten.
(friesch dagblad, 17 oktober 2005)




















